Voor wie al decennia autorijdt klinkt het misschien bijna ongelooflijk hoe anders het verkeer en de autorijlessen vroeger waren. Het halen van je rijbewijs en wat er in de auto gebeurde is in de loop van de jaren sterk veranderd, zowel qua regels als qua ervaring.
Autorijden toen: het Wilde Westen van de weg
- In de jaren 60 en 70 zaten automobilisten vaak gewoon in de auto zonder gordel. De autogordel werd pas in Nederland in 1971 verplicht aangebracht in nieuwe auto’s en rond 1975 pas voor alle inzittenden verplicht gedragen. Voor die tijd was er nauwelijks sprake van gordelgebruik. Het idee was nieuw en veel mensen vonden het oncomfortabel of onnodig. Sommigen dachten zelfs dat een botsing zonder gordel veiliger was dan vastzitten in een auto bij een ongeluk.
- Het was ook gewoon dat mensen rustig in de auto rookten, zelfs de instructeur tijdens rijlessen. Wat nu ondenkbaar lijkt, was tot ver in de jaren 70 en zelfs 80 normaal. De rook kringelde door de cabine terwijl aspirant-bestuurders probeerden te leren schakelen en kijken in de spiegels.
- In de beginjaren was het verkeer veel ongereguleerder. Snelheidslimieten zoals we die nu kennen bestonden niet altijd, en alcoholgrenzen waren veel minder strikt of ontbraken in het begin. Mensen wisten vaak niet goed hoe ze zich moesten gedragen op snelwegen of bij kruispunten, en ongelukken kwamen relatief vaak voor.
Rijlessen vroeger en nu
In het begin van de twintigste eeuw was autorijden zeldzaam en een luxe. Zodra auto’s wat toegankelijker werden, ontstond ook de behoefte aan regels. In Nederland werd in 1905 de Motor- en Rijwielwet ingevoerd, waardoor een rijbewijs verplicht werd om een motorvoertuig te besturen.
Onze generatie herinnert zich misschien nog instructeurs die niet alleen lesgaven in parkeren en sturen, maar ook allerlei kleine omgangsvormen en gewoonten van het verkeer. Sommige instructeurs hadden hun eigen stijl; bij de één was het stil en strikt, bij de ander juist losjes en vol anekdotes. Wat tegenwoordig lesmethode en verkeersinzicht heet, bestond vroeger vooral uit praktijk en ervaring.
Tegenwoordig zijn rijlessen veel gereguleerder en duurder. Je moet eerst slagen voor een theorie-examen met uitgebreide verkeersregels voordat je praktijkexamens kunt plannen. De verkeersregels zijn gedetailleerd, met aandacht voor zaken als snelheidslimieten, alcoholgrenzen en gordelgebruik die we nu vanzelfsprekend vinden. Dit is een enorme verandering ten opzichte van de vroege dagen van autorijden.
Lees ook: Weet je nog, toen een postzegel nog 30 cent kostte?
Veel veranderingen in verkeersveiligheid
Veiligheid kwam langzaamaan bovenaan te staan. In de jaren 50 en 60 begonnen autofabrikanten pas serieus te kijken naar veiligheidstechnieken zoals gordels, veiligheidskooien en later airbags. De driepuntsgordel die we vandaag kennen werd in 1959 geïntroduceerd en door Volvo openlijk beschikbaar gesteld aan andere fabrikanten omdat veiligheid belangrijker werd gevonden dan winst.
De manier waarop we nu tegen verkeersveiligheid aankijken is totaal anders dan vroeger. Waar je vroeger zonder gordel kon rijden en zelfs roken in de auto normaal was, zijn regels nu gericht op het beschermen van iedereen in de auto en op de weg.
Anekdotes van vroeger
Bestuurders die nu al een halve eeuw rijden vertellen wel eens dat het autorijden vroeger voelde als het Wilde Westen: gewoon in parkeren zonder gordel, een sigaret brandend tussen de lippen, terwijl de instructeur je aanwijzingen schreeuwde door de rook heen en een bak koffie. Dat kon toen en het gaf een andere sfeer aan de les.
Tegenwoordig lijkt dat bijna onwerkelijk omdat veiligheid en gezondheid centraal staan.
Het is altijd bijzonder om terug te blikken op de andere tijden: Waarom we verlangen naar vroeger, lees je in deze blog over nostalgie.