Mijn eerste liefde

Het was 2 september 1950, een zaterdagochtend. DIE dag, DIE ochtend stond ze voor me. Mijn eerste grote liefde. Ik nog klein, zes jaar; over twee maanden zou ik zeven worden. Zij was groot in mijn beleving en geen idee van haar leeftijd. Nu, ruim 56 jaar later, weet ik dat ze jong was en klein. "Ik ben juffrouw van Poppel" en ze gaf mij en mijn moeder een hand. Verwonderd keek ik om me heen. Een groot lokaal. Drie rijen houten banken waarin elk twee kinderen konden zitten. Er kwamen meer kinderen, allemaal jongens. Ik vroeg me af wat ik hier in vredesnaam moest doen. Ik zag een enorme leesplank met losse letters op een ezel voor de klas staan. “Moest ik leren lezen? Dat kon ik al”. Ik had thuis al leren lezen en schrijven.

Ik kon al heel veel. Ik kon ook al rekenen met eenvoudige getallen. Ik had er toen nog geen idee van dat er ook sommetjes bestonden met "moeilijke getallen". Het leek me een zinloze bezigheid worden op school. Gelukkig begon de juf niet gelijk met lezen of rekenen. Ze bracht me naar een bankje ergens in de klas en ik kreeg, net als de andere jongens, een blaadje en een potlood om te tekenen.

Ik zat telkens naar haar te kijken. Ik vond haar zoiets liefs hebben. En dat was ze ook. Dat vind ik nog steeds. Ik voelde me veilig bij haar en als intussen niet meer werkzame onderwijsfreak bewonder ik haar ook nog steeds. Ze was zo anders dan veel andere mensen die in die tijd op de Minervaschool werkten. Zoveel moderner, zoveel toleranter. Ik kan me nog heel goed herinneren dat we op een bepaald moment een leeg doosje kregen dat we moesten vullen met kleine vierkantjes gekleurd karton. Allemaal 1 bij 1cm. En we kregen er ook enkele grotere vierkantjes bij. Dan moesten we gaan tellen, bijvoorbeeld tot 16. En als er dan 16 kleine vierkantjes voor je lagen dan mocht je er tien aftellen en die omruilen voor één groter vierkantje. Dan werd het potlood gepakt en moesten we opschrijven hoeveel grote vierkantjes we hadden. "Schrijf maar een mooie 1” zei ze dan. En vervolgens vroeg ze ons hoeveel losse we zagen en moesten we achter die mooie 1 een 6 schrijven.

Later in mijn vak heb ik gezien hoeveel kinderen rekenproblemen hadden omdat ze weinig concreet besef hadden van eenheden en tientallen. Lof voor juf van Poppel. En dat in die tijd. Maar niet alleen op didactisch gebied was ze een kanjer. Zeker ook op pedagogisch gebied. Zoals gezegd zat ik me de eerste tijd op school stierlijk te vervelen. Ik was er heilig van overtuigd dat ik alles al wist. Ik was dan ook niet erg gemotiveerd om bijvoorbeeld stomme rijtjes sommen te maken. En ik herinner me dat we allemaal moesten rekenen in een half schriftje met een vies groengrijs kaftje. Ik zie die schriftjes met een belerende tekst op het etiket ("hoest of niest niet in het rond, maar houdt de zakdoek voor de mond”) nog voor me.

Iedereen zat braaf, puntje van de tong naar buiten, zijn keurige rijtjes te maken. Behalve ik. Ik vond dat tijdverspilling en zat heerlijk te tekenen. Juf van Poppel liep braaf rondjes door de klas. Hielp waar het nodig was en gaf een schouderklopje aan degene die dat verdiend hadden. Mij liep ze voorbij. Ik zat immers te tekenen, daar was geen hulp of schouderklopje nodig. Ik begreep dat ze het prima vond.

Aan het eind van de middag werden de schriftjes opgehaald en deelde ze tekenblaadjes uit. Fijn! We mochten nog een half uurtje tekenen. Alleen kreeg ik geen tekenblaadje en was mijn rekenschriftje blijven liggen op de bank. Ik stak dus mijn vinger op en toen de juf vroeg wat er was zei ik: "Ik heb geen tekenblaadje gekregen". Ze keek me lief aan, lachte en zei: "Dat klopt, Klaas. Jij hebt al getekend, dus nu ga jij rekenen." Op zo'n mens word je toch verliefd!!

Het zal een jaar of twintig geleden zijn. Ik was dus een dikke veertiger en was een heel andere Klaas geworden dan het Klaasje uit 1950. Dikker geworden, lang haar, baard en een bril. Ik zat in de tram in Rotterdam en ik zie iemand instappen (een oudere dame) die mijn belangstelling wekt. "Ik ken haar, maar waarvan?" En opeens weet je het: "Mijn eerste liefde!! Juffrouw van Poppel.” Ik ben naar haar toegelopen en het op de vrouw-af gevraagd. Ze kijkt me aan, lief met een glimlach, en zegt dan: "Dat is een verrassing, Klaas." Ze zag het aan mijn ogen zei ze. Op zo'n mens was je niet alleen verliefd, daar blijf je verliefd op. Een leven lang.

Dit verhaal is ingestuurd op 7 januari 2009 door Klaas Slegt.
 
 

<< Terug naar de vorige pagina


Copyright 2014 Sanoma Digital The Netherlands B.V.
SchoolBANK.nl - onderdeel Sanoma Media Netherlands groep